Oud-jeugdzorggebruikers hebben vaker problemen

02-12-2019

Oud-jeugdzorggebruikers zijn minder vaak economisch zelfstandig en komen vaker in aanraking met criminaliteit dan jongeren zonder jeugdzorgverleden. Ook is het aantal jongeren toegenomen die op hun 18e jeugdhulp ontvangen. Dat blijkt uit de Landelijke jeugdmonitor 2019 van het CBS.

Ruim 29.000 18-plussers ontvingen in 2018 jeugdhulp, ten opzichte van 19.000 in 2015. In 2016 was bij 20.000 jongeren sprake van een lopend zorgtraject wanneer zij 18 jaar werden. Daarvan ontving bijna 55 procent na hun 18e verjaardag verlengde jeugdhulp en binnen zes maanden ontving 25 procent volwassenenzorg. Het grootste deel stroomde door naar volwassenen GGZ of de Wmo. Volgens het CBS laat dit zien dat de vervolgzorg voor jongeren uit de jeugdzorg voornamelijk gericht is op psychische en persoonlijke begeleiding en minder op medische zorg.

Bij jongeren zonder recent jeugdzorgverleden ligt het totale zorggebruik op 1 procent binnen zes maanden na de 18e verjaardag.

Jongeren met een jeugdzorg verleden zijn vaker in aanraking geweest met de politie dan jongeren zonder jeugdzorg. Zowel als verdachte, als in de slachtofferrol. Van de oud-jeugdzorggebruikers die in 2016 18 jaar werden, stond ruim 6 procent in 2017 geregistreerd bij de politie als slachtoffer van een misdrijf. Bij jongeren zonder jeugdzorgverleden was dit 4 procent. Ook was het percentage jongeren die verdacht werden van een misdrijf hoger bij jongeren met een jeugdzorgveleden. 6 procent ten opzichte van 2 procent van de jongeren zonder jeugdzorgverleden.

Daarnaast zijn de verschillen in economische zelfstandigheid groot tussen jongeren met en zonder een jeugdzorgverleden. 16 procent van de jongeren met een jeugdzorgverleden die in 2016 18 jaar werden met een inkomen uit werk of een eigen onderneming, waren op 1 januari 2017 economisch zelfstandig, ten opzichte van 40 procent van hun leeftijdsgenoten zonder jeugdzorgverleden.

Meer informatie