Wat maakt de positie van jongeren kwetsbaar?

Voor jongeren verandert er bij het ouder worden veel: ze gaan zelfstandig wonen, eigen geld verdienen en steeds meer zelf beslissingen nemen. De meeste jongeren leren dit vanzelf, met vallen en opstaan en met ondersteuning van ouders en vrienden. Maar niet voor alle jongeren is dat vanzelfsprekend.

Zo’n 15 procent van alle jongeren tussen de 16 en 27 jaar bevindt zich in een kwetsbare positie door problemen op een of meer leefgebieden. Het kan gaan om schulden, geen goede plek om te wonen, een complexe thuissituatie, vluchteling zijn, verslaving, geen werk, schooluitval of een achterstand in ontwikkeling. Vaak hebben deze jongeren te maken met een combinatie van problemen waarbij ze – veelal vanuit de Jeugdwet - ondersteuning krijgen. Ze ervaren verschillende knelpunten in de overgang naar volwassenheid.

Als deze jongeren 18 jaar worden, verandert er veel voor hen. Van de ‘beschermende’ omgeving van school en jeugdhulp, belanden zij in de vraaggerichte Wmo en de meer eisen stellende Participatiewet. Ze krijgen te maken met regelingen en instanties die gericht zijn op volwassenen en een zekere mate van zelfredzaamheid veronderstellen. Ze lopen hierdoor het risico om tussen wal en schip te raken.

Cijfers

Uit cijfers blijkt dat jongeren met een voorgeschiedenis in de jeugdhulpverlening relatief gezien een grotere kans lopen om niet naar school te gaan of werk te hebben dan jongeren zonder deze voorgeschiedenis. Lees meer in de Factsheet jongeren over zorg, het aantal jongeren zonder opleiding of werk, wonen en risicofactoren.

Landelijke Aanpak 16-27

Landelijke Aanpak 16-27 zet zich in om jongeren tussen de 16 en 27 jaar in een kwetsbare positie zo optimaal mogelijk te begeleiden naar zelfstandigheid. De Landelijke Aanpak 16-27 verwijst naar de levensfase waarbinnen doorlopend ondersteuning nodig is aan kwetsbare jongeren. Ondersteuning die niet begint of eindigt bij het 18e levensjaar.